PBL adviseert om in de stad te bouwen

20 oktober 2014

Het Planbureau voor de Leefomgeving meldt in een onlangs verschenen rapport dat ontwikkelingen op het gebied van verstedelijking en verkeersinfrastructuur uit de pas lopen: nieuwe woningen en werkplekken komen vooral terecht op typische autolocaties, terwijl stedelijke plekken met veel keus in bestemmingen en vervoerswijzen amper of niet groeien.

Zo worden bedrijven en kantoren in weilanden langs snelwegen neergezet waardoor mensen gedwongen zijn om met de auto naar hun werk te gaan. Het PBL adviseert de overheid het beleid aan te passen. "Een betere afstemming van de verstedelijking en infrastructuur vraagt van beleidsmakers de moed om te kiezen", aldus de onderzoeker.

Tevens schetst het PBL in meerdere infographics een beeld van belangrijke ontwikkelingen in ruimte, infrastructuur en mobiliteit in Nederland en laat zien wat er zoal van invloed is op de bereikbaarheid van mensen, banen, voorzieningen en andere bestemmingen en hoe deze zich in Nederland hebben ontwikkeld.

Zo toont ze onder andere de groei van het aantal huishoudens, steden en auto's. In zestig jaar is de bevolking van Nederland gegroeid van 10 miljoen naar 16,5 miljoen mensen. Tegelijkertijd zijn de huishoudens in die periode veel kleiner geworden. Half zo klein, om precies te zijn, van gemiddeld 4,6 naar gemiddeld 2,3 personen per huishouden. Om al die mensen en huishoudens een dak boven het hoofd te bieden, staan er nu ruim drie keer zoveel woningen in Nederland dan in 1950. Daarnaast zijn de woningen en de woonwijken ruimer geworden: de oppervlakte stedelijk gebied is meer dan vervijfvoudigd. Het aantal auto’s is nog veel sneller gestegen, van 139.000 in 1950 tot zo’n 8 miljoen nu: meer dan 50 keer zoveel. Ruim 70 procent van de huishoudens beschikt over minstens één auto en bijna een kwart over twee of meer auto’s.

Bovenstaande gecombineerd betekent dat het stedelijk gebied nog groter zal worden. Over de invulling van dit stedelijk gebied moet daarom goed worden nagedacht. De ruimte in de stad moet aantrekkelijk blijven om in te wonen en met het hoge aantal autobezitters moet rekening worden gehouden; er moet voldoende parkeerruimte zijn. Zoontjens ziet hier dé kansen voor gebruik van het dak om te parkeren of voor extra buitenruimte. Door het dak functioneel in te zetten is er minder ruimte op de grond nodig en kan er toch aan buitenruimte- of parkeereisen voldaan worden.

Bron: PBL